loek mulder | willem van reijendam | man en woord

Man & Woord levert messcherpe journalistieke producties aan vooraanstaande landelijke en regionale (dag)bladen, radio en televisie. Voor tal van bedrijven en organisaties produceert Man & Woord glasheldere en doeltreffende teksten. Lees meer over wat we voor u kunnen betekenen of bekijk onze contactgegevens.

De gele rivier is ernstig ziek

Gepubliceerd in Golden Raand, het magazine van het Groninger Landschap, juli 2011

tekst: Loek Mulder

Nergens is de verandering die de Duits-Nederlandse getijderivier de Eems heeft ondergaan beter te zien dan bij het Duitse gehucht Herbrum. Bruine derrie klontert er samen langs de oevers en in de hoeken bij de stuw. Bij de even verderop gelegen sluis ziet het er al weinig beter uit. Modderpoel is hier een beter woord dan rivier. "We hebben de Eems in veertig jaar tijd grondig verpest."

Ecoloog en slibexpert Victor de Jonge bekijkt het hoofdschuddend. Het heldere rivierwater van voor de stuw stort zich in een grote boog naar beneden in de ondoorzichtige massa. Vele meters bedraagt hier het zichtbare verschil tussen hoog en laagwater. De laatste metingen van De Jonge naar de slibconcentraties in de rivier dateren van 2008, maar ook zonder monsters te nemen stelt De Jonge vast dat de slibhuishouding de laatste jaren er zeker niet op vooruit is gegaan. "Dat zie ik zo ook wel aan die enorme bulten slib", zegt hij.
Enkele tientallen meters van de sluis, die is gebouwd in een bypass voor het scheepvaartverkeer, doet een boot genaamd Eisvogel zijn best met een sleephark de zaak een beetje in beweging te houden. Geen vis die hier nog zwemt, maar zou men het slib laten neerslaan, dan kan er door ophoping van modder binnen de kortste keren ook geen boot meer langs. Volgens De Jonge wordt de ernstig zieke patiënt door het gehark echter alleen maar beroerder.

Vloedgolf

De Jonge waarschuwt al meer dan dertig jaar voor de gevolgen van de vertroebeling van de Eems. Als medewerker van TNO startte hij begin jaren zeventig voor onder meer het het ministerie van Verkeer en Waterstaat met metingen aan zwevend materiaal in de rivier. Later werkte hij als onderzoeker aan de Rijksuniversiteit Groningen aan het onderwerp en momenteel is hij hoogleraar aan het Institute of Estuarine and Coastal Studies van de universiteit van Hull. "In de jaren zeventig was nog niet duidelijk dat er iets aan de hand was met het slib", aldus De Jonge. "Ten opzichte van de jaren vijftig was door lozing van vervuilende stoffen de waterkwaliteit van de rivier wel achteruitgegaan. Verder leek de Eems een rivier met een normale vertroebeling." Dat het fout liep met de slibconcentraties, bleek pas een jaar of tien later.
Wat De Jonge toen mat, waren de gevolgen van meer dan honderd jaar sleutelen aan de Eems, die ontspringt in het Teutoburger Woud. Er werden sluizen en stuwen gebouwd, bochten werden rechtgetrokken en door landaanwinning en indijkingen werd de rivier smaller. Geleidelijke overgangen van zoet naar zout water verdwenen door de ingrepen. Vissen die voor hun levenscyclus afhankelijk zijn van die zoet-zout zones kregen het moeilijk.
Echte problemen met de waterhuishouding ontstonden door aanhoudend baggeren van het estuarium en de rivier voor het scheepvaartverkeer. De Jonge: "Het estuarium tussen Borkum en Emden had ooit een soort onderwater-duinlandschap. Tussen die duinen door liepen vallei-achtige geulen. Door dat baggeren is het geulenstelsel veranderd en de ruwheid van het gebied sterk verminderd. De stroomsnelheid van het water in de rivier is daardoor bij vloed spectaculair toegenomen. Op de bodem ligt nu een dikke gladde slibdeken waar het water overheen giert. Met vloed komt het water hier werkelijk met een noodgang binnen."
Enorme hoeveelheden slib hopen zich daardoor op in de rivier. Omdat de ebstroom ten opzichte van vroeger is verzwakt, wordt al dat slib niet afgevoerd. De vertroebeling van het water is nu met een factor tien toegenomen ten opzichte van de jaren vijftig. Zonlicht dringt nauwelijks nog door en het water is zuurstofarm geworden. Het stuk troebel water is nu zo'n vijftig kilometer lang en tussen Leer en Papenburg is de rivier zo met vloeibare modder verzadigd dat vissen er niet kunnen leven.
Ook in het Eems-estuarium is de slibconcentratie in het water toegenomen. Daar is het baggeren, 24 uur per dag, zeven dagen in de week, eveneens de hoofdoorzaak, aldus de Jonge. Dat heeft ook weer gevolgen stroomopwaarts, omdat vertroebeling de plantaardige voedselproductie in het estuarium verlaagt.

Vingers branden

Het heeft lang geduurd eer autoriteiten oor hadden voor zijn waarschuwingen, zegt De Jonge. Economische belangen prevaleerden met de ontwikkeling van zeehavens in Emden, Delfzijl en de Eemshaven. In Duitsland bleek de Meyer Werft, bouwer van machtige cruiseschepen in Papenburg, tevens een machtsfactor van belang.
"Ik heb een gevecht moeten leveren", aldus De Jonge, die Nederlands-Duitse natuur- en milieuorganisaties als wetenschappelijk adviseur terzijde staat. "De informatie die ik verzamelde werd telkens door overheden onder het kleed geveegd. Toch stel ik vast dat de Duitse autoriteiten nu begrijpen dat de grens is bereikt." Wat het er politiek gezien niet eenvoudiger op maakt is dat het Eems-estuarium in betwist gebied ligt, waar Nederland en Duitsland het niet eens zijn over het grensverloop. De Jonge: "Nederland zit er niet voldoende bovenop. Het wordt tijd dat beide landen op ministerieel niveau afspraken maken, zoals de Raad voor de Wadden recentelijk ook heeft geadviseerd. Maar ik zie vooral dat ministers hun vingers niet willen branden aan dit betwiste grensgebied."

Verwende reders

Nóg is het niet te laat. "De rivier is niet dood. Zeker is wel dat de Eems niet leuk is om naar te kijken", stelt De Jonge wat cynisch vast. "Bepaalde aspecten, zoals de zandstrandjes langs de Eems zullen nimmer wederkeren, maar de zaak kan deels worden gerestaureerd als nu actie wordt ondernomen." Met behulp van stromingsmodellen heeft De Jonge uitgerekend dat een stroomopwaartse verhuizing van de stuw bij Herbrum zorgt voor gedeeltelijk herstel van natuurwaarden, doordat het slib zich op een ander punt ophoopt. Zeer belangrijke voorwaarde voor herstel is dat de baggeractiviteiten flink worden beperkt. Helemaal ophouden met baggeren hoeft volgens De Jonge niet.
Tegelijkertijd geeft De Jonge toe dat de maatregelen slechts een deel van de oplossing zijn. Want zolang de Meyer Werft een minimale diepte van 8,5 meter nodig heeft voor haar kolossale schepen, zal het uitdiepen van de rivier doorgaan. "Aanvullende maatregelen zijn daarom nodig, zoals koppelen van oude meanders aan de rivier, verlaging van zomerdijken en verbreding van de rivier bij de stuw."
Het werkelijke probleem ligt volgens De Jonge nog ergens anders: "Havens en overheden laten zich de wil van reders opleggen. Die dicteren dat ze met steeds grotere schepen havens willen binnenvaren. Reders gedragen zich als verwende pubers die niet denken aan de gevolgen van wat ze doen. Op Europees niveau dient een eind te worden gemaakt aan de toegang van die mega-schepen. Dan pas kan het herstel van de Eems serieus ter hand worden genomen."

 

 

categorie: diepgravend

diepgravend