loek mulder | willem van reijendam | man en woord

Man & Woord levert messcherpe journalistieke producties aan vooraanstaande landelijke en regionale (dag)bladen, radio en televisie. Voor tal van bedrijven en organisaties produceert Man & Woord glasheldere en doeltreffende teksten. Lees meer over wat we voor u kunnen betekenen of bekijk onze contactgegevens.

Opmars van het groene bedrijfspand

Gepubliceerd in de mei-uitgave van de zakenbijlage De Ondernemer van het Dagblad van het Noorden en de Leeuwarder Courant (2010)

Loek Mulder

Op het dak staan een windmolentje en zonnepanelen. Verwarming en koeling gebeurt met een aardwarmtepomp, een cv-ketel ontbreekt en slimme daglichtkokers vervangen de lampen. Het pand van het energie-adviesbureau Invent in Beilen is het schoolvoorbeeld van een volledig 'groen' bedrijfsgebouw. En volgens directeur Joop Eising kostte de bouw ervan geen cent meer dan de bouw van een gangbaar pand. De grote vraag is dus: Waarom staan er niet meer van dergelijke gebouwen op industrieterreinen?

Invent-directeur Eising geniet dagelijks van zijn duurzame en energiezuinige kantoorpand. "Niet alleen omdat het zo'n aangenaam binnenklimaat heeft", licht hij toe. Tevens scheurt hij maandelijks lachend de enveloppe met de rekening van het energiebedrijf open. Zoveel pluspunten en toch kan Eising niet één gebouw in de regio noemen waarbij het duurzaamheidsidee zover is doorgevoerd als in het pand van zijn bedrijf. Verbazingwekkend, meent Eising.
"In de vakbladen voor de bouw lees ik wel regelmatig over energiezuinige gebouwen", verklaart Eising. "Het accent in die stukken ligt echter vrijwel altijd op de energieinstallaties. En het is beslist zo dat meer en meer bedrijven geld in investeren in bijvoorbeeld wamtepompen en slimme ventilatiesystemen. Aan het gebouw zelf wordt echter meestal weinig aandacht geschonken." Dat komt ook, zo oppert Eising, doordat passieve maatregelen zoals driedubbel glas natuurlijk veel minder sexy zijn dan een setje hippe zonnepanelen op het dak.
"Het begint echter bij het pand zelf", vervolgt Eising. "Het is als bij de thermofles voor de koffie. Die moet je goed dicht houden, anders wordt de koffie koud. Zorg er dus voor dat de schil van het gebouw optimaal geïsoleerd is. Het verminderen van de energiebehoefte staat in onze filosofie voorop. Doordat je met minder energie toe kunt, komen investeringen in zonnepanelen of andere duurzame energieoplossingen ook eerder binnen bereik." De meerkosten zijn volgens Eising 'heel snel' terugverdiend. Rechtstreekse subidies voor ondernemers die in duurzaamheid investeren zijn er niet of nauwelijks, maar er is wel een forse fiscale voorziening via een investeringsaftrek.

Bouw van een nieuw pand is het resultaat van ideeën van een keten van opdrachtgevers, architecten, bouwers en financiers. De duurzaamheidsgedachte loopt volgens Eising bij elk van de betrokkenen wel ergens spaak, vooral omdat duurzaam bouwen nog wel meer geld kost, ook al gold voor Eisings eigen pand misschien het tegendeel. Geldverstrekkers kijken slechts naar kosten van de bouw, niet naar de exploitatiekosten. Opdachtgevers zitten boven op hun budget en architecten en bouwers volgen de wensen van de opdrachtgever.
"Er wordt nogal traditioneel gedacht over bouwmethodes", aldus Eising. "Alle aannemers pretenderen duurzaam te bouwen, maar wanneer een opdracht in concurrentie wordt uitgegeven, vrezen ze al snel dat ze vanwege de meerkosten op het verkeerde stapeltje terecht komen."
Uiteraard komen verdergaande energiemaatregelen bij bouwbesprekingen op tafel, zegt Andries Borgeld van het bouwbedrijf Simon Benus uit Stadskanaal. "Maar het strandt vrijwel altijd op budgetten. Als bouwer trachten we het wel te stimuleren, maar het zijn de opdrachtgevers die betalen en dus bepalen." Daarnaast zijn er vaak twijfels over de terugverdientijd. Voor bijvoorbeeld zonnepanelen ligt die tussen de tien en vijftien jaar. "En in diezelfde periode wordt een bedrijfspand afgeschreven en dus vinden ondernemers de meerkosten niet verantwoord."
Ondernemers rekenen gewoon niet goed, vindt Paul Tameling van het Informatiepunt Duurzaam Bouwen in Groningen. "Ze vergeten altijd de waardestijging van een duurzaam gebouw in de berekeningen mee te nemen. Doe je dat wel, dan is de hogere investering beslist interessant." En bouwers, aldus Tameling, die doen te weinig om de ontwikkelingen aan te zwengelen. "Daar zit toch de kennis. Ze zouden leidend moeten zijn. Maar al die ongeïsoleerde blikken dozen op de industrieterreinen, het is toch te gek voor woorden."

KADER I
Architecte Nynke-Rixt Jukema:

'Ondernemen kan ook prima vanuit een oude kerk'

Leeuwarden
Nieuwbouw van een kantoor- of bedrijfspand is vrijwel altijd verkwisting van energie, ruimte en landschap, vindt de eigenzinnige Friese architecte Nynke Rixt Jukema. Het maakt niet uit hoe zuinig, groen en duurzaam het nieuwe gebouw is. "Hier in de Leeuwarden staat de helft van de bedrijfspanden gewoon leeg. Laten we eerst eens beter nadenken over wat we daar mee kunnen."

Een ondernemer die toe is aan een nieuw onderkomen moet goed beseffen wat de impact is van nieuwbouw, stelt Jukema (31), eigenaar van NRJ Architectuur in Leeuwarden. "Rond steden en dorpen ontstaan technologisch hoogwaardige bedrijvenparken met energiezuinige panden. Ondertussen verpauperen bedrijfsterreinen in de binnensteden en staan hele winkelstraten leeg. Dat is verspilling." In twee opzichten, want waardevolle gebouwen worden niet langer zinvol benut en bovendien wordt landschap aan nieuwbouw opgeofferd.
Jukema, die is afgestudeerd op in de richting environmental design aan de Technische Universiteit Delft, vindt beslist dat ook nieuwe gebouwen duurzaam en energiezuinig van karakter moeten zijn. "Maar dat is de laatste stap in een keten van mogelijkheden", verduidelijkt ze. "Daarom vind ik dat eerst naar de voorraad bestaande panden en gebouwen gekeken moet worden. Waarom zou een ondernemer zijn bedrijf niet kunnen vestigen in een oude kerk? Ik ben geen architect die per se wil bouwen, maar eentje die zoekt naar mogelijkheden voor een betere samenleving."
Aanpassen van bestaande panden vergt echter creativiteit en het wijkt sterk af van de conventionele benadering van veel architecten, bouwers en ondernemers. Toch is volgens Jukema, ook van bestaande gebouwen eigenlijk altijd wel een energiezuiniger pand te maken. Bijvoorbeeld door betere isolatie, plaatsing van zonnepanelen en benutting van aardwarmte: "Dat vergt uiteraard ook investeringen, maar die liggen vrijwel altijd lager dan de kosten van nieuwbouw. Nee, het levert misschien niet de eigentijdse look op die ondernemers vaak wensen, maar zo dragen ze wel bij aan een betere leefomgeving en zo geven ze ook een nieuwe betekenis aan de betreffende plek in de stad."
Volgens Jukema is herinrichting van de bestaande omgeving tevens een onvermijdelijke keuze: "Transformatie van de bouw in de steden is de toekomst. Er is in ons land geen ruimte meer om telkens nieuwe plekken in te richten. Zeker in gebieden waar de bevolking krimpt. Wanneer men daar blijft bouwen, creëren we een onleefbare situatie."

KADER II
Groen-certificaat voor UPC-hoofdkantoor in Leeuwarden
De samenleving vraagt om een duurzaam gebouwde omgeving, de techniek is voorhanden, alleen de markt moet nog over de drempel worden geholpen, zegt Stefan van Uffelen, directeur van het Dutch Green Building Council. Dit DGBC is een jonge, onafhankelijke non-profit organisatie die in 2008 is opgericht door partijen in de bouw-en vastgoedsector. Het DGBC streeft naar 'vergroening' van (bedrijfs)gebouwen en hun omgeving.
Onlangs heeft het DGBC de eerste BREEAM-NL Nieuwbouwcertificaten uitgereikt aan het TransPort kantoorgebouw van Schiphol Real Estate en aan een logistiek platform in Tilburg. Het certificaat beoordeelt een pand op energieverbruik, landgebruik, ecologie, het bouwproces, watergebruik, afval, vervuiling, transport, materialen, gezondheid en comfort. Het eerste gebouw in Noord-Nederland dat het BREEAM-certificaat ontvang is het hoofdkantoor van UPC in Leeuwarden. De eerste paal hiervan gaat binnen enkele weken de grond in.
"We zitten midden in een transitie naar een duurzaam gebouwde omgeving" verklaart DGBC-directeur Van Uffelen. Er is een aantal redenen waarom dit proces niet sneller verloopt, zegt hij. "Zo betalen bedrijven leergeld. Er zijn zoveel nieuwe technieken en materialen, dat moet bij de bouw wel allemaal in goede banen worden geleid. Dat betekent dat er veel behoefte is aan kennis. Daarnaast ligt de focus nog sterk op de bouwkosten. Duurzaam bouwen kan duurder zijn, maar in exploitatie en onderhoud is een duurzaam gebouwd pand weer goedkoper. Bovendien levert het bij verkoop meer op." Die laatste twee aspecten worden volgen Van Uffelen vooral ook door vastgoedbeleggers steeds sterker erkend.

 

categorie: diepgravend

diepgravend